Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Correlationeel - Coggle Diagram
Correlationeel
Onderzoek en validiteit
-
Externe validiteit --> over welke populatie kunnen we op basis van onze steekproef conclusies trekken?
Generaliseren --> op basis van een steekproef conclusies trekken over een populatie. Dan moet de steekproef wel goed zijn geweest.
-
Begripsvaliditeit
Subjectief
Indruksvaliditeit --> Als experts naar de vragenlijst kijken, hoe beoordelen ze het en ziet de vragenlijst er op het oog compleet uit?
Inhoudsvaliditeit --> Meet het instrument wel alle aspecten van zelfwaardering? In de theorie staan een aantal aspecten, worden deze geadresseerd?
Empirisch
Convergente validiteit --> komen de metingen van dit instrument en metingen van een ander meetinstrument (dat hetzelfde begrip meet) overeen?
Discriminante validiteit --> hangen de metingen van dit meetinstrument juist niet samen met echt andere kenmerken? bv vragenlijst over woede komt die overeen met agressie.
Criterium validiteit --> hangen de metingen van dit meetinstrument samen met gedragsmatige uitkomsten waarvan we weten dat er een verband hoort te zijn?
-
Onderzoekers kijken naar de samenhang of relatie tussen eigenschappen. Onderzoeksvragen volgen uit theorie
-
Onderzoeksvraag CAPS
Constructs --> relatie, verband en samenhang. Theoretische kenmerken waarin we onderzoek willen doen en waartussen we relatie verwachten. Dus altijd twee.
Association --> de relatie/ het verband preciezer maken. de onderzoeker geeft aan welke relatie verwacht wordt.
Population --> de groep mensen (dieren, objecten of organisaties) die de onderzoeker wil onderzoeken.
-
Spreidingsdiagram
-
Kan een positieve (hoe meer, hoe meer) of negatief (hoe meer, hoe minder of andersom) verband zijn of geen correlatie hebben (geen verband).
Causaliteit --> wanneer één bepaald kenmerk een verandering in een ander kenmerk veroorzaakt. Dus, een onderzoeksvraag die oorzaak en gevolg beschrijven. Bij Correlationeel kijken we puur naar de relatie en NIET naar het oorzaak en gevolg.
-
Operalisatieproces (nadenken hoe je op een goede manier een ingewikkeld theoretisch concept informatie kunt verzamelen.
theoretisch concept
conceptuele definitie --> wat de onderzoekers met het theoretische begrip bedoelen. Wat betekent het in dit onderzoek.
operationele definitie --> hoe de onderzoekers het theoretische begrip gaan meten. Vragen stellen, stellingen, opdrachten etc?
Variabelen (Daar bestaan meetinstrumenten en een operationalisatie uit) --> concrete vragen of opdrachten die we mensen kunnen voorleggen. Het geoperationaliseerde theoretische begrip. Varieert van persoon tot persoon en bevat numerieke waarden.
-
Veel fysieke kenmerken hebben een bestaand meetinstrument. Het liefst gebruik je ook een al bestaand instrument. Bv lengte, bloeddruk of maten.
Bv Rosenberg's self esteem scale --> 10 variabelen die vragen of je het eens bent met de stelling. Wordt veel gebruikt bij onderzoek naar eigenwaarde.
-
-