Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Werkwoorden, zindsdeelen, spelling, les 24, LES 25, LES30 - Coggle Diagram
-
zindsdeelen
-
NWG
-
zwabbels + heten
zijn, worden, blijken, blijven,
lijken schijnen, heten, dunken
-
-
-
-
mv (COI in frans)
-
aan, voor, wie, wat, +wwg+o+lv?
-
bwb ( cc in frans)
hoe, waarom, wanneer, waarvoor, hoelang,...
spelling
-
-
aanhaaling
-
-
-
"dat", gruwde oma,"is verschrikkelijk."
"neen," antwoorde ik,"dit wil ik niet."
les 24
betekenisverhouding
-
-
-
-
homoniem
De "verzamelnaam" voor woorden die er hetzelfde uitzien én klinken, maar een andere betekenis hebben.
homofoon
Gelijk in klank (homos = gelijk, phone = geluid).
homograaf
Gelijk in schrift (homos = gelijk, graphein = schrijven).
-
LES30
vertelperspectief
defenitie
(of het vertelstandpunt) is het standpunt van waaruit de verteller de gebeurtenissen vertelt. Soms is de verteller een onderdeel van het verhaal, soms niet.
het ik-verhaal
1 de belevende ik
- Dit is geschreven in de tegenwoordige tijd
- Van andere personages weet je alleen wat de ik-figuur over
hen vertelt
- Dit is de verteller en bijna altijd hoofdpersonage van het
verhaal
- Als lezer zie je alles door de ogen van ik-verteller. Je kent
alleen zijn/haar gedachten en gevoelens= SUBJECTIEF
- Dit is geschreven in de verleden tijd (de verteller kent dus
de afloop van het verhaal al.)
- Het ik-persoon kan dus vooruit-en achteruitblikken in het
verhaal (flashbacks/flashforwards)
- Van andere personages weet je alleen wat de ik-figuur over
hen vertelt
- Als lezer zie je alles door de ogen van ik-verteller. Je kent
alleen zijn/haar gedachten en gevoelens
soort 2
- De auctoriële of alwetende verteller
- Hij staat boven, hij weet alles over alle personages
- Alles wordt verteld in de hij/zij -vorm.
- De verteller speelt zelf GEEN ROL in het verhaal.
- De verteller kan voor-en achteruitblikken in het verhaal en weet wat er op verschillende plaats gebeurt.
- Je kent alleen zijn/haar gevoelens
- Alles wordt in de hij/zij-vorm verteld.
- Je ziet alles door de ogen van 1 personage in het verhaal = SUBJECTIEF
- Meervoudig personeel vertelperspectief
- In sommige verhalen heb je bv. Meerdere personele vertellers. Er wordt dan per hoofdstuk afgewisseld van personage dat dat aan het woord is