Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
H1 INTRO GROEPEN - Coggle Diagram
H1 INTRO GROEPEN
GEVAREN VAN GROEPEN
Abilene paradox
Bystander effect
Ringelmann effect
Bij te grote groepsgrootte
Coordination losses
Motivation losses (social loafing)
Free riding
Diffusie van verantwoordelijkheid
Groepsdenken
Conformisme
Riskyshift
Extremer besluit van de groep
Groepspolarisatie
FOCUS OP GROEPSPROCESSEN
GroepsDYNAMICA: hoofddoel om inzicht te krijgen en bij te dragen aan een effectief groepsfunctioneren
Interpersoonlijke processen
Taakprocessen (cf. taakfuncties)
Inhoudsniveau
Procedureniveau
Teamprocessen (cf. procesfuncties)
Interactieniveau
Bestaansniveau
IJsberg
Zichtbaar: doelen, taken etc.
Onzichtbaar (vaak ook onbespreekbaar): waarden, informele rollen, verborgen agenda's...
Theories of action
Expoused theory
Wat we zeggen wat we doen (doelen)
Theorie-in-use
Wat we feitelijk doen
Single loop learning <> double loop learning
Mentaal model: beeld van hoe de wereld werkt
SOORTEN GROEPEN EN FUNCTIES
Groep = 2+ individuen verbonden door sociale relaties
Primaire groep
Secundaire groep
Collectief
Categorie
Functies
Algemeen: beloningness hypothesis
Affiliatie, zekerheid, intimiteit, sociale steun, sociale vergelijkingsinformatie, invloed, status, productiviteit, exploratie
Nadruk op taak OF nadruk op relaties
Groep => invloed op individu
Sociale identiteit
funcdamentele attributiefout: invloed wordt onderschat!
In-group <-> out-group
Categorisering: maakt het makkelijk
Sociale identificatie: invloed op gedrag, bepaalt een stukje van onze identiteit
Sociale vergelijking: onze groep = superieur
GROEPSDYNAMIEK IN ORGANISATIES
Soorten kapitalen (Bourdieu)
Economisch kapitaal
Cultureel kapitaal
Sociaal kapitaal = ons netwerk, resources die we halen uit onze interacties of relaties... kortom: connecties!
Sociaal kapitaal => human capital (= kapitaal afkomstig van de werknemers van een organisatie)
Voordelen sociaal kapitaal in het werkveld
Voordelen voor individu
Voordelen voor organisatie (cf. human capital)
FORMELE VS INFORMELE SOCIALE STRUCTUUR
Formele organisatiestructuur
Opgelegd van bovenaf (top-down)
Vaste entiteiten
Duidelijke aflijning taken en interacties
Informele sociale structuur
Ontstaat onderaan (bottom-up)
Niet afgelijnd, meer vloeiend: sociaal netwerk
2 vormen
Instrumenteel: werkgerelateerd (vb. hulp)
Expressief: persoonlijke, emotionele redenen
Ontstaan kliekjes = supgroepen (sociale selectie en sociale beïnvloeding)
Formele leider is niet per sé de meest centrale persoon bij een informele sociale structuur! (cf. formele rollen en informele posities)
GROUP SOCIAL CAPITAL
= combinatie van sociaal kapitaal van individuen
Onderscheid
Team-bonding: interne teamnetwerkstructuur
Team-bridging: externe netwerkstructuur