Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
H7: 4. PARLEMENTEN Bevestigt/symboliseert het democratisch karakter vd…
H7: 4. PARLEMENTEN
Bevestigt/symboliseert het democratisch karakter vd staat.
4.1 Wat is een parlement?
Vergadering van verkozen mensen, is één van de drie institutionele machten binnen de staat (cf. Trias Politica (Mon.) = Wetgevende macht!
Politieke vertegenwoordiging vh volk -> betrekt de samenleving bij de wettelijke autoriteit vd staat.
Ontstaan id 13e eeuw in de UK (House of lords) . Koning kreeg geld in ruil voor wat inspraak, een zitplaats in 'de raad'.
4.2 Functies vh parlement
(7)
-> Als multifunctioneel orgaan!
Wetgeving
(klassiek)
: Het parlement als beleidsmaker; maakt, bediscussieerd, herformuleerd, stemt (wetsvoorstellen) juridische normen en richtlijnen id samenleving.
In praktijk: voornamelijk regering die wetsontwerpen indient (90% rule)
-> De positieve legislatieve kracht v. parlementen (zelf wetten maken) is vaak kleiner dan de negatieve legislatieve kracht (ontwerpen, verwerpen of ammenderen). ((cf. zwijgakkoord VL-R)
Controle
(klassiek)
: Toeziend oog op handelingen v. zowel regering als administratie -> hun gedrag meer in lijn met elgemeen belang + dat het effectief en niet-corrupt is.
Zowel voor, tijdens als na regelgevend proces; via verschillende instrumenten (interpellatie, mondelinge/schriftelijke vragen, onderzoekscomissies, vertrouwen geven aan regering, begroting goedkeuren, ...)
(
conflictmanagement)
(
Volksvertegenwoordiging
)
(
rekrutering, selectie en training)
(
legitimatie)
(
agendasetting)
https://www.youtube.com/watch?v=UTqaJeg0LAc
4.3 stucturele kenmerken van een parlement
2 Grote structurele kenmerken: # kamers en # leden.
Duur en samenstelling vh parlement
Samenstelling: hangt af van politieke keuzes en # inwoners (cf. Wet van de derdemachtwortel)
Federaal parlementair jaar start op de 3de donerdag van september, beleidsverkaring (state of the union) tweede dinsdag v. oktorber.
(Vlaanderen: septemberverklaring 4de maandag van september).
Duur van de legislatuur
Vroeger: federaal 4j, regionaal en Europees 5j, gemeente en provincie 6j
Nu: In principe om de 5 jaar voor alles; behalve lokaal in provincie blijven 6j.
Steeds samenvallende verkiezingen?
Feitelijk: Ja
Grondwettelijk: Ja en neen
De legislatuur van de federale Kamer bedraagt vijf jaar en is in principe gekoppeld aan de verkiezingen voor het Europees Parlement, zodat beide om de vijf jaar plaatsvinden. De deelstaatparlementen zijn legislatuurparlementen van vijf jaar en vallen traditioneel samen met de Europese verkiezingen. Om hiervan af te wijken, moeten eerst een bijzondere meerderheidswet (voor de koppeling Kamer-Europese verkiezingen) en de constitutieve autonomie van de deelstaten worden geactiveerd. Vervolgens kunnen de deelstaatparlementen via een bijzonder meerderheidsdecreet hun eigen legislatuur en verkiezingsdatum vastleggen. Bij vroegtijdige ontbinding van de Kamer blijft de nieuwe Kamer slechts zetelen tot het einde van de oorspronkelijke legislatuur, zodat de samenval behouden blijft.
Beke (niet samenvallen) vs. Gennez (wél samenvallen) kunnen hierdoor beiden 'blij zijn' en elkaar tegenspreken zonder te liegen.
Ontbinding van het parlement:
De kamer: normaagezien 5j en ontbonden op dag v. verkiezingen.
Kan ook vroegtijdig ontbonden worden via: Motie van vertrouwen
text
; Motie van wantrouwen, ontslag van de regering en herziening van de grondwet.
De Senaat: ontbinding van kamer betekent niet gelijk ontbinding Senaat.
Unicamerale en bicamerale parlementen
In België vergaderen beiden ih Paleis der Naties
Unicameraal: Parlement met slechts één kamer.
-> Sinds WOII steeds meer unicamerale parlementen.
-> Komen voornamelijk voor in unitarie staten.
Bicameraal: Perlment met twee kamers.
-> Bestaat vaak uit een lagere, rechtstreeksverkozen kamer (politieke kamer) en een hogere kamer met vaak een licht andere samenstelling (eerder reflectieve functies).
-> Sommige wetgevende procedures worden soms dubbel doorlopen.
-> Beide kmaers wetgevind initiatief, maar meestal lagere kamer met meer bevoegdheden.
=> Voornamelijk in federale staten; hogerhuis (kleiner) is de vertegenwoordigende kamer van de deelstaten. Het lagerhuis (groter) van alle kiezers.
=> In Belgie: De Kamer (lagerhuis) en de Senaat (Hogerhuis)
Bicameralisme; argumenten pro:
Meerderheidsargument: Voorkomt dat één meerderheid te veel macht krijgt en minderheden/regio's beschermt. (cf. vertegenwoordiging deelstaten).
vs: 'Parlementaire vergadering is wél gebaseerd op directe verkiezingen en moet niet gestoord worden door een tweede kamer.
Reflectie tot gedegen wetgeving = secuur werk:
Zorgt via herziening v. wetgeving voor extra reflectie en gedegen wetgeving.
(
3. Arbeidsverdeling: (gewone wetgevende werk, hogerhuis specifieke taken (vb herzien v. wetten)
)
(
4. Verschillende verkiezingsmomenten
)
(maar: kan ook voor vertraging zorgen, dubbel werk; verhoging kans op impasse (als andere partijen beter vertegenwoordigt zijn in senaat vs. kamer) + niet rechtstreeks verkozen...
Unicameralisme; argumenten pro:
Gecentraliseerde politieke verantwoordelijkheid = duidelijker en geen risico tot dubbel werk.
Kritiek op Belgische Senaat
(zie hiernaast)
De Senaat verloor veel macht sinds de staatshervorming van 1993.
Hij functioneerde niet goed als “ontmoetingsruimte voor de deelstaten”.
Men vond dat de Senaat vooral tijdverlies veroorzaakte.
Daarom kwam in het Vlinderakkoord (2011) de hervorming van de Senaat:
→ De Senaat werd een niet-permanente kamer met beperkte bevoegdheden.
Kort gezegd: België evolueerde van een volwaardig bicameraal systeem naar een quasi-unicameraal systeem op federaal niveau.
Samenstelling Parlementen
Kamer: 150 leden, rechtstreeks verkozen via provinciale kieskringe (88 Nederalndstaligen, 62 Franstaligen).
De Senaat: 60 niet rechtstreeks verkozen. 50 Deelstaatsenatoren en 10 Gecoöpteerd (verkozen door deelstaatsenatoren uit de kamer). Zetelen dus zowel in deelstaatparlement of de Kamer.
Vlaams parlement: 124 (118 Vlaams gewest, 6 Brussels hoofdstedelijk gewest (stemmen niet mee in gewestbevoegdheden).
Waals Parlement: Gewestmaterie (Waals Gewest) 75 leden.
Brussels (hoofdstedelijk) parlement: Gewestmaterie, 89 leden (17 Nederlandstaligen en 72 Franstaligen).
Franse Gemeenschapsparlement: Gemeenschapsmaterie, 94 leden (75 waals parlement en 19 Franstalige leden BHP)
Parlement Duitstalige Gemeenschap: 25 leden
4.4 Interne organisatie vh Parlement
Politieke organen ih parlement:
Plenaire vergadering: Alle verkozen parlementsleden, komt 1x week samen.
-> Debatteren en stemmen over wetsvoorstellen/ontwerpen, begroting, regeringsverklareing. + Kamerleden kunnen ook interpelleren en mondeligne vragen stellen.
Onderwerpen worden vooraf in commissies besproken. Rechtstreeks op de agenda: actuavragen, regerinsverklaring, begrotingscontrole, ...
De zitting is openbaar, publiek toegankelijk!
De Voorzitter: verkozen voor duur vd zitting, maar blijft legislatuur aan; Leidt in overleg met fractievoorzitters de werkzamheden vd kamer, heeft verschillende sterke bevoegdheden
(handhaving tijdens vergadering, oog voor procedureregels, ..)
; moet zo onpartijdig mogelijk zijn!
De commissies: voorbereidend werk voor de plenaire vergadering; vaak zeer gespecialiseerde en technische discussies; zwaartepunt van parlementair werk (wetsvorostellen/ontwerpen, amenderen, stemmen ze, maken verslag om vervolgens voor te leggen in de plenaire vergadering. + Commissieleden kunnen ministers ook om uitleg vragen en interpelleren.
Conferentie van Voorzitters: voorzitters en ondervoorzitters, gewezen voorzitters die nog zetelen in parlement, fractieleiders + één lid uit elke fractie): regeling plenaire vergadering en coördinatie (miniparlement)
Soorten commissies in België:
Vaste commissies: beleidsdomeinen komen min of meer gelijk met ministeriële departementen
(buitenlandse betrekkingen, sociale zaken, financiën, ..)
Tijdelijke commissies: bepaalde wetsontwerpen- en voorstellen te onderzoeken
(ingewikkelde, technische onderwerpen of onderwerpen die grondige hervorming doorvoeren = tijdrovende belangrijke discussies)
Bijzondere commissies: hebben een hoofdzakelijk andere opdracht dan bespreken wetsvoorstellen/ontwerpen.
(naturalisaties, vervolgingen, verzoekschriften)
Adviescomité: raadgevend commité die op bijzonder terrein actief zijn.
(vb: Eu-aangelgenheden, wetenschappelijke en tch. vraagstukken, ..)
Onderzoekscommissies: Door plenaire vergadering opgericht (recht van onderzoek), naar aanleiding van beleidsproblemen in een sector vd samenleving
(vb: onderzoekscommissie na terreuraanslagen 2016).
Samenstelling: 11 vaste commisies met elk 17 leden (met vaak specifieke domeinkennis). De andree hebben een variërend aantal leden.
Proportioneel samengesteld (evenrdig aantal leden per fractie als in de plenaire).
-> Commissiezittingen kunnen zowel gesloten als openbaar zijn. België: uitgegaan van principe van openbare vergaderingen.
https://www.youtube.com/watch?v=7rewBW9icgE
3 Fundamentele indeligen
Taalgroepen: Nederlandse en Franse taalgroep // objectief en subjectief criterium
(kieskring BH)
Belang: Bepaalde procedures, als evenwicht tss taaglroepen (
bijzondere meerderheidswetten en alarmbelprocedure). -> consensus bereiken over communiotair gevoelige materie
Fracties = partijgroep: coödineren parlementaire werkzaamheden. Fractieleider ah hoofd van fractie.
(bepaald de beleidslijn, kan woordvoerden zijn of steld woorvoorder aan, deciplineerd de groep)
Meerderheid vs. Oppositie
Meerderheid ondersteunt en legitimeert de uitvoerende macht. Oppositie bied tegengewichtwerk