Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Psychologisch perspectief: H6 Kleuterjaren (3-6 jaar) - Coggle Diagram
Psychologisch perspectief: H6 Kleuterjaren (3-6 jaar)
Lichamelijke & motorische ontwikkeling
Synchrone groei
→ lichaam wordt stabieler en behendiger
Individuele verschillen
in lichaamsbouw zijn merkbaar
Verbetering in:
Grove motoriek
: fietsen, klimmen, springen, balspel
Fijne motoriek
: tekenen, knippen, bouwen
→ draagt bij tot
zelfredzaamheid
en
grotere autonomie
Lateralisatie:
Ontwikkeling voorkeurshand/-voet (links of rechts)
Ruimtelijk denken:
Afstand, richting, tijdsbegrip groeien
Taakbewustzijn
neemt toe
Cognitieve & mentale ontwikkeling
Piaget: Pre-operationeel stadium
Denken is:
Intuïtief
, niet logisch
Egocentrisch
: enkel eigen standpunt begrijpen
Denkfouten
:
Egocentrisme
: niet inleven in anderen (→ 3-bergen-experiment)
Centratie
: focussen op 1 opvallend kenmerk
Geen reversibiliteit
: geen terugdenken mogelijk (bv. water in glazen)
Statisch denken
: aandacht voor toestand, niet voor proces
Bijkomende cognitieve processen:
Waarneming
Van globaal → gedetailleerder
Vorm- en richtingsbewustzijn groeit
Verbetering in tekenvaardigheid
Geheugen
Beperkt feitengeheugen, sterk emotioneel geheugen
Herkennen van scripts (dagelijkse routines)
Visuele prikkels beter dan auditieve
Denken – Theory of Mind (ToM)
Kind leert:
Dat anderen gedachten/gevoelens hebben
Te anticiperen op gedrag van anderen
Sally-Anne test: besef van foutieve overtuiging vanaf ± 4 jaar
Groei van empathie & inlevingsvermogen
Fantasie & magisch denken
Waarom-vragen als verklaring voor onbegrip
Magisch denken geeft controle/verklaring:
Gelukspen bij toets
Sterretje als overleden persoon
Fantasiespel & sprookjes → belangrijk voor verwerking en spel
Schemervrees, monsters, leugentje om bestwil…
Taalontwikkeling
Piek in taalontwikkeling:
Langere & complexere zinnen
Groei woordenschat
Foutjes blijven (bv. “loopte” = overregularisatie)
Taal als communicatiemiddel:
Aangepast aan gesprekspartner
Inner speech groeit
Bedmonologen nemen af bij oudere kleuters
Sociale & persoonlijkheidsontwikkeling
Hechting & relaties
Nieuwe hechtingsfiguren: leerkrachten, vriendjes
Kind leert sociale rollen opnemen (bv. politieagent, ouder)
Uitbreiding sociale wereld (school, hobby’s)
Relatie met leeftijdsgenoten
Evolutie van parallelspel → samenspel
Spel is ‘ernstig’ → verwerking, leren, experimenteren
Eerste vriendschappen:
Vaak oppervlakkig en tijdelijk
Belangrijk voor sociale ontwikkeling
Ontluikend zelfconcept
Zelfbewustzijn:
Ik-gevoel, voorkeuren (eten, kleren,…)
Positief zelfbeeld bij bevestiging van omgeving
Zelfconcept:
Zelfkennis: wie ben ik?
Zelfwaardering: hoe goed vind ik mezelf?
Zelfpresentatie (pas later ontwikkeld)
Genderidentiteit
Besef van eigen geslacht
Seksestereotiep gedrag:
Meisjes = zorgzaam
Jongens = stoer
Verwachtingen over genderrollen ontwikkelen zich
Morele ontwikkeling
Basis gewetensvorming
Leren via straf/beloning en modeling
Spiegelt zich aan normen van ouders
Kohlberg: preconventioneel stadium
Gedrag sturen o.b.v. gevolgen (niet motivatie)
“Ik mag dat niet van mama”
Kenmerken:
Spiegelgeweten: kritiekloze overname van ouderlijke regels
Autoritaire moraal: geen contextbesef, regels = absoluut
Ontwikkeling van schuldgevoel bij fout gedrag
Taakgerichtheid
Van koppig naar positief willetje
Doelgericht → wil meewerken
Jongere kleuter = speels taakgericht
Oudere kleuter = meer resultaatgericht
Onrealistische doelen komen vaak voor
Emotionele ontwikkeling
Nieuwe gevoelens:
Rivaliteit, jaloezie
Empathie & vriendschap
Groei in emotionele competentie:
Emoties herkennen, uiten, reguleren
Typische kleuterangsten:
Donker, monsters, verlies van ouder, lichamelijke beschadiging
Erikson – Initiatief vs Schuldgevoel
Kleuter wil zelf beslissingen nemen en initiatief tonen
Als ouders dit ondersteunen → positieve ontwikkeling
Als ouders afremmen → kind voelt schuld & onzekerheid