Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Economisch perspectief module 6 - Coggle Diagram
Economisch perspectief module 6
Wat is armoede?
Armoede
= tekort aan economische middelen in verhouding tot de algemene levensstandaard.
Gevolg
: sociale uitsluiting op meerdere levensdomeinen.
Mensen in armoede kunnen de kloof met de samenleving niet op eigen kracht overbruggen
H
o
e wordt armoede gemeten? (AROPE-indicator)
De EU hanteert de AROPE-indicator (= At Risk Of Poverty or Exclusion):Je loopt risico op armoede als je in minstens één van de volgende situaties zit:
1. Monetaire armoede (AROP):
Beschikbaar inkomen < armoededrempel:
Gezin met 2 volwassenen + 2 kinderen: < €3.045/maand
Alleenstaande: < €1.450/maand
In 2023: 12,3% van de Belgische bevolking.
2. Lage werkintensiteit (LWI):
Huishouden waarvan leden < 20% van hun potentieel gewerkt hebben in afgelopen 12 maanden.
In 2023: 10,5% van de bevolking.
3. In 2023: 10,5% van de bevolking.
Onvermogen om basisnoden te betalen (bv. verwarming, kleding, sociale activiteiten).
In 2023: 6,1% van de bevolking.
Methodologie – belangrijke definities
Armoederisicogrens = 60% van het nationaal mediaan equivalent inkomen.
Voor alleenstaande: €1.450 (2023).
Voor 2 volwassenen + 2 kinderen: 2,1 x €1.450 = €3.045.
Equivalent inkomen:
Wordt berekend met equivalentieschalen:
1 voor eerste volwassene
0,5 per extra volwassene (14+)
0,3 per kind (<14 jaar)
Beschikbaar inkomen:
Alle netto-inkomsten uit arbeid, investeringen, sociale uitkeringen.
Sociale transfers:
Uitkeringen zoals pensioen, werkloosheid, groeipakket, ziekte-uitkering,…
Evolutie en cijfers (2023)
2.150.000 mensen lopen risico op armoede of uitsluiting = 18,6% van Belgische bevolking.
Armoederisicodrempel gestegen door inflatie → indexering uitkeringen → spilindex 5x overschreden.
Positieve trend:
Monetaire armoede gedaald t.o.v. 2022:
Laagopgeleiden: van 26,2% → 23,7%
Alleenstaande ouders: van 30,5% → 25,6%
Huurders: van 29,1% → 26,3%
65-plussers: van 17,9% → 15,8%
Negatieve trend:
Werkenden in armoede: van 3,6% → 4,7%
Lonen in privésector stegen trager dan uitkeringen → achterstand op armoededrempel
Regionale verschillen in armoede
Brussels Gewest Meeste armoede op alle indicatoren
Waals Gewest Hoger dan nationaal gemiddelde
Vlaams Gewest Minste armoede
Antwerpen (provincie) Opvallend hoger armoederisico
Armoede en beperking: dubbele kwetsbaarheid
Mensen met een beperking zijn sterk oververtegenwoordigd in AROPE-groep.
Gebieden van beperking:
Zien
Horen
Lopen/trap opgaan
Geheugen/concentratie
Zichzelf verzorgen
Communicatie
Oorzaken & gevolgen van armoede
Armoede is multifactorieel en intergenerationeel:
Oorzaken
: werkloosheid, lage opleiding, ziekte/beperking, migratieachtergrond
Gevolgen
: slechte gezondheid, lagere levensverwachting, minder kansen op onderwijs en werk
Causaliteit beperking ↔ armoede:
Beperking kan leiden tot armoede (minder kansen op arbeidsmarkt, hogere zorgkosten)
Armoede kan leiden tot beperking (slechtere woon- en werkomstandigheden, minder toegang tot zorg)
K
inderen en armoede (deprivatie)
Armoede bij kinderen heeft lange termijngevolgen:
Leerachterstand
Sociaal isolement
Gezondheidsproblemen
Kinddeprivatie = onvermogen om kindgerichte noden te betalen:
Minstens 5 indicatoren = materiële deprivatie
Minstens 7 indicatoren = ernstige materiële en sociale deprivatie
Armoede meten = politieke & economische noodzaak
Waarom meten?
Beleidsaanpassing
Evaluatie effectiviteit van uitkeringen en werkgelegenheidsmaatregelen
EU-SILC is de bron van armoedecijfers:
Gecoördineerd door Eurostat
In België uitgevoerd door Statbel