Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Nederlands - Coggle Diagram
Nederlands
1.1 aan het mengpaneel: mijn taal, mijn identiteit
thuistaal
de taal die je gebruikt om thuis en je eigen omgeving met je familie en vrienden te praten
tweede taal
taal die je beheerst naast je moedertaal
moedertaal
de taal waarmee je opgroeit
wereldtaal
taal die in grote delen van de wereld als communicatiemiddel wordt gebruikt.
taalvariëteit
Elke taal heeft een basisvorm die we standaardtaal noemen. Als het taalgebruik van een groep mensen afwijkt door andere factoren. bv woonplaats, leeftijd, ontstaat taalvariëteit.
het Nederlands
Onze taal wordt door 23 miljoen mensen als moedertaal gebruikt.
1.7 woordsoorten: opfrissing deel 1
werkwoord (ww)
koppelwerkwoorden (kww)
ZIjn werkwoorden die
een toestand beschrijven
: ZWoBBeLSH
Z
ijn,
W
orden,
O
,
B
lijven,
B
lijken,
E
,
L
ijken,
S
chijnen,
H
eten**
zelfstandige werkwoorden (zww)
ZIjn werkwoorden die
een actie beschrijven
hulpwerkwoorden (hww)
Zijn werkwoorden di een zww of kww
ondersteunen
bv. Het
zal
toch moeten van de leerkracht.
zelfstandig naamwoord (zn)
een soortnaam
Een woord dat verwijst naar een
persoon, dier, plaats, instelling, merk of zaak
. De meeste kan je een onbepaald lidwoord voorzetten. bv.
een
hond,
een
meisje
een eigennaam
Een naam die gegeven wordt aan een
individuele persoon of zaak
. bv. Jef, Nike, ...
bijvoegelijk naamwoord (bn)
Is een zn die meer info geeft.
het lidwoord (lidw)
onbepaald lidwoord
een
bepaald lidwoord
de / het
telwoord (telw)
hoofdtelwoord
Geeft een
aantal
of
nummer
aan
bepaald
Een exact nummer
onbepaald
geen exact hoeveelheid
rangtelwoord
Geeft een
rangorde
of
plaats
aan
bepaald
een exacte plaats in een reeks
:warning: Als je weet hoeveel er zijn en je zegt, bv. de eerste. Dan is het bepaald.
onbepaald
zoals laatste hoeveelste, middelste, ...
1.6 spreekwoorden en zegswijzen over communivatie
spreekwoorden
Is een
vaste zin
, die
MOET
je schrijven als een
zin
, en de zin verandert ook niet. bv. Wie A zegt, moet B zeggen.
zegswijze
Is waar
het ww kan veranderen
. bv. de lakends uitdelen. Lisa deelt de lakens uit tijdens het groepswerk.
Spelling van de pv in de onvoltooid tegenwoordige tijd
regels
ik → stam
jij/je/hij/zij/ze/u → stam + t
wij/we/jullie/zij/ze → stam + en
REGELS:
● De ik-vorm krijgt NOOIT een t (bv. ik werk, ik fiets ...)
● Een ander mens/dier/ding krijgt ALTIJD een t (bv. de kat speelt, Ine antwoordt)
Behalve jij/je als onderwerp achter pv → stam (bv. Word je snel boos?)
1.5 communicatie: het communicatiemodel
basisbegrippen
kanaal
de booschap wordt door een bepaalde weg naar de ontvanger gebracht
doel
de zender stuurt voor een reden die bepaalde info door
context
omgeving en situatie waarin de communicatie gebeurt
ontvanger
info ontvangt
communicatie
verbaal of non-verbaal
boodschap
info
zender
info stuurt
effect
invloed krijgen van de boodschap
communicatie doelen
overtuigen
instructies geven
informeren
vertellen
mening geven
eenzeidige en meerzeidige communicatie
eenzeidige
wordt er van de ontvanger geen direct antwoordt verwacht.
meerzeidige
Als elke deelnemer aan de communicatie zowel zender als ontvanger kan zijn, is er sprake van...
miscommunicatie
ruis
externe ruis
is een praktische, duidelijke hoor-of zichtbare oorzaak waarom er iets misloopt tijdens het communiceren
interne ruis
is een stoorzender die in het communicatieproces zelf zit: bij de zender die bv boos is en daarom weinig wil zeggen
kan de communicatie verstoren en zorgen voor miscommunicatie
geslaagde communicatie
rekening met de context
hoe je de boodschap overbrengt
best passende kanaal
rekening met de relatie van de boodschap tot de werkelijkheid
1.3 Literatuur-enkele begrippen
fictie- non fictie
verhaalanalyse
gebeurtenis
1 zin
verhaallijn
verhaaleinde
open of gesloten verhaaleinde?
gesloten verhaaleinde
het verhaal is afgerond.
open verhaaleinde
er blijven nog heel wat vragen over, het verhaal wordt open gelaten en je weet ook niet hoe de personages het verder zullen doen.
verhaalbegin
ab ovo of in medias res?
in medias res
betekent letterlijk "in het midden van de zaak" Het verhaal begint plots zonder dat de lezer weet wat er aan de hand is.
ab ovo
betekent letterlijk "vanuit het ei". Het verhaal begint dus met een duidelijke inleiding op de personages, de tijd en de ruimte.
tijd
verteltijd
hoe lang je het zelf leest
bepaald
6 okt. 2024
onbepaald
er was eens, lang geleden
vertelde tijd
hoe lang het verhaal duurt
ruimte
sfeerscheppende ruimte
constrasterend
het verhaal is "eng", maar de ruimte is "vrolijk" bv
versterkend
het verhaal en de ruimte zijn "eng" bv
geografische ruimte
onbepaald
bepaald
personages
genunanceerd of ongenuanceerd
statisch of dynamisch
vol karakter of vlak karakter
vlak karakter
ongenuanceerd + statisch
vol karakter
genuanceerd + dynamisch
dynamisch
ze veranderen doorheen het verhaal
statisch
ze veranderen niet doorheen het verhaal
ongenuanceerd
het zijn meer typertjes, je komt er niet zo veel over te weten
genuanceerd
je komt er veel over te weten, het is een complex karakter
figurant
toeschouwer
protagonist
hoofdpersonage
nevenpersonages
personage die af en toe iets zeggen
antagonist
tegenspeler
non-fictie
een verhaal die feiten bevatten en die zo dicht mogelijk bij de waarheid proberen te blijven zonder iets bij te verzinnen
fictie
verzonnen verhalen
de roman en het kortverhaal
kortverhaal
fictie
+/- 2 blz
3 personages
1 gebeurtenis
roman
fictie
meer personages
meerde gebeurtenissen
standaard boek lengte