Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Parasieten - Coggle Diagram
Parasieten
Protozoa
neospora caninum
EGH: hond
TGH: rund en andere herkauwers
Plek: brein, hart, lever en placenta
Manieren van infectie EGH:
(1) opname weefsel met cysten erin
(2) Opname van nageboorte met daarin tachyzoieten.
(3)Opname oocyst afkomstig van hond
Bij een kleine inname van tachyzoieten wordt de hond niet geinfecteerd maar heeft het bescherming van maagzuur. Bij grote hoeveelheden placenta zal het dier wel geinfecteerd raken. na een PPP van 8-13 dagen zal het ongesporuleerde oocysten uitscheiden.
Opgenomen gesporuleerde oocysten zullen weefselcystes gaan vormen waarin shizogenie gaat plaatsvinden.
De weefselcysten die blijven bestaan in de EGH kunnen gereactiveerd worden tijdens zwangerschap waarna de gametocyten de placenta binnendringen om het foetus te infecteren
Exogene infectie: recente opname van gesporuleerde oocysten
Endogeen: reactivering van verworven weefselcysten verticale transmissie
isospora/cystoisospora
-
-
Symptonen: darmepitheelschade dus diaree gewichtsverlies en dehydratie
therapie: self-limiting dus lost zichzelf op
-
Eimeria
-
Ongesporuleerde oocysten komen met feces naar buiten>Sporoblast na deling>sporocyst>sporozoitvorming (gesporuleerde oocystvorming)
Sporuleerde oocysten worden opgenomen waarna de sporozoiten vrijkomen. Deze gaan elk een epitheelcel in en vormen dan trophozoiten. De epitheelcel vormt dan een shizont met meerdere merozoiten erin. dit heet shizogenie
Na een tijdje breekt de cel en komen er merozoiten vrij. Hiertussen zitten macrogametocyten en microgametocyten die seksuele voortplanting ondergaan door fusie. Dit geeft ongesporuleerde oocysten vrij in de poep.
-
-
-
helminthen
Trematoden-zuigwormen/aanwezigheid van zuignappen+indirecte levenscyclus met slak als tussengastheer
Dicrocoelium dendriticum
Zelfde cyclus als fasciola maar wel minder schadelijk. migratieroute galbuis en enkel grote hoeveelheden metacercariaen geven schade.
-
-
-
-
Fasciola hepatca
-
-
Geslachtelijke vermeerdering in eindgastheer als adulte stadia. Uitscheiding naar buiten en opname door slak. Hier vindt ongeslachtelijke vermeerdering plaats en vervolgens opname door eindgastheer.
-
-
-
-
Nematoden-rondwormen
Met bursa
Ascaris Suum
-
Eieren uitscheiding met poep en kunnen wel 4 jaar in de omgeving blijven chillen door de beschermende laag
L2 larven komen uit in de darm en gaan vanuit hier migreren naar de lever waar ze hemorragische gangen creeren (witte vlekken bij autopsie)
Vanuit de lever naar hart en longen waar ze typische klinische verschijnselen door gaan laten zien
Hierna terug in darm waar ze volwassen worden
Cyasthostominae
Typische levencyclus van nematode door opname uit omgeving
Innesteling in darmmucosa tot uiteindelijke worm.
Te zien aan zwarte stipjes in mucosalaag
-
De larven kunnen ook in inhibitie gaan in de wintertijd of voor zelfs jaren. De uiteindelijke wormuitbraak wordt dan verlengd tot de late winter-lente periode.
-
-
Bij een hevige besmetting van jongere paarden ontstaat wintercyathostominose, een hevige larvale infectie
Stronglyus vulgaris
Levenscyclus:
Opname L3 larven uit omgeving door grazen
larven migratie naar craniale mesenteriale slagader om hier te ontwikkelen
Vervolgens naar ceacum om hier tot worm te ontwikkelen.
schade aan arterien door trektocht
-
-
Toxacara
Catie
verschil met Canis versie is dat deze soort geen intra-uteriene infectie kan veroorzaken
PPP: 8 weken
Canis
-
-
In puppies vindt de hepatotracheale route plaat en bij volwassenen de somatische route totdat de moeder bijvoorbeeld weer zwanger raakt.
-
Leonina
-
Verschilt van andere toxacara. doordat zij niet langs de longen migreren maar in het darmlumen hun cyclus doorgaan.
-
Heterakis gallinarum
-
Eieren in ontlasting (kunnen lang overleven)
Bij inname van geembryoneerde eieren komen ze terrecht in de blinde darm.
Ontwikkeling voltooid normaal in het lumen maar kunnen ook in inhibitie gaan in het slijmvlies.
Zonder bursa
Anisakis simplex
-
Eieren uit EGH met feces
Ontwikkeling in water tot L1 en L2.
In kreeften ontwikkeling tot L3.
Hierna opname door PTH of EGH waarna de EGH bereikt wordt.
Daarna groei en weefselopnamedoor nematode worm. Leidt tot darmschade.
ascaridia galli
EGH: kip
PGH: regenworm
Eieren kunnen lang in milieu blijven bestaan
PPP:5-8 weken
12 cm lang en verblijft in blinde darm
Eieruitscheiding via de feces.
L2 larve uit ei na 2 weken
Vogel neemt infectieuze L2 op
Eenmaal in de krop aangekomen komen de eieren uit.
Ontwikkeling tot L5 in de darm
Parascaris spp.
-
Eierenuitscheding door paard>L2 opgenomen door veulen waarna de larva de darmmucosa ingraaft en de L3 het portale systeem binnenkomt en zo de lever ingaat. De L4 breekt in een llongblaasje in en wordt daarna weer ingeslikt. In de darm zal de worm volwassen worden en vervolgens weer eieren gaan uitscheiden.
Drie manieren van lichaamsmigratie:
(1) hepato-tracheale migratieroute (darm>lever>long>ophoesten en doorslikken)
(2) via melk en placenta
(3) geen migratie
Cestoden-lintwormen met zuigers en haken (cyclophillidea) (de pseudophylidea heeft dit niet). Hapt zich vast in duodenum en verlengd zichzelf in sgementen. Kan met zichzelf en segmenten van anderen voortplanten.
Anoplocephala perfoliata
EGH: paard ezel
TGH: grasmijt en mosmijt
Blaasworm: cystericoid
Geen haken, wel 4 zuigers
Hemafroditisme in lintworm waaruit proglottides worden losgelaten met eitjes erin. Gras of mosmijt neemt deze op en er komen cystercoid larven uit. 6-10 weken na opname door paard zijn deze volwassen. de volwassen lintwormen leven in de blinde darm
-
monieza expansa
EGH: schaap, herkauwer
TGH: grasmijt mosmijt
Geen haken, wel zuigers
Blaasworm: cystericoid
proglottides worden opgenomen door mijt als tussengastheer. Binnen een dag darm van mijt bereiken omdat er anders uitdroging plaatsvindt. kans is nog steeds groot door grote hoeveelheden mijten. oncospheren migreren naar bloedcirculatie voor ontwikkeling tot cystericoid (4 maanden).
-
-
Echinococcus
granulosus
EGH: hond
TGH: Rund, varken, mens of schaap
Blaasworm: hydatide cyst
Lintworm heeft 4 zuignappen, de blaasworm wordt enorm en is ingekapseld. de binnenste laag van de blaas vormt kleine blasen met protoscolicen.
De hyatide cyst in de TGH vormt een enorme blaas waaruit na een lange tijd volwassen stadia wordt bereikt. De blaasworm komt in EGH terecht na EGH opname van TGH.
-
Multilocularis
Identiek aan granulosus naast:
PPP: 26-29 dagen
Veel volwassen wormen in EGH
Veel aseksuele voortplanting in TGH
Dipylidium canicum
EGH: hond/kat
TGH: vlo
Blaasworm: cystercoid
Meerdere rijen haken, 4 zuignappen
Vlooi eet eieren op>bij lichaamstemperatuur wordt cystercoid>kat/hond eet vlooi op>blaasworm wordt lintworm in dunne darm. Worm laat proglottides los met eieren erin. schade door verdrukking in TGH
-
Teania
multiceps
-
Orale opname eieren>oncosfeer migreert naar ruggenmerg of hersenen en inhiberen daar>hond eet TGH en raakt geinfecteerd>proglottides uitgave naar omgeving na lintwormvorming.
-
-
teaniaformis
-
Lintworm legt proglottides in gastheer en laat deze los in poep. Eieren worden opgegeten door TGH. Strobilocercus verplaatst zich naar lever en nestelt daar. wordt opgegeten door kat en vormt daar lintworm.
-
solium
-
Orale opname ei>oncosfeer migreert naar spier of hersenweefsel> cystericus vorming>ongekookt eten zorgt voor infectie in mens>lintworm haakt zich vast met haken in darm en laat proglottides los met eieren.
-
Saginata
-
Orale opname eieren rund>oncosfeer komt binnen en migreert naar spierweefsel waar cystericus vormt>ongekookt vlees infecteerd mens en maakt een eieren makende lintworm.
-
-
de larven heten blaaswormen:
(1) cysticercus
(2) strobilocercus
(3) hyadatide cyst
(4) coenerus
(5) cysticercoid
Elke blaasworm bevat een of meerdere protoscolex die na opname een scolex waaraan de segmenten van de lintworm gaan ontwikkelen
Bij hydatide cyst en coenerus vind aseksuele voortplanting plaats. Bij de hydatide cyst ontstaan er meerdere blaasjes.