Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
De vakbeweging…
De vakbeweging
Vakbeweging
Organisatie die belangen van werknemers behartigen
Vakorganisaties
Verschillen in
Grote, samenstelling, organisatiestructuur, opstelling, opvattingen en doelstellingen
Per land
Door cultuur en de maatschappelijke ontwikkelingen
VS bijvoorbeeld= Zakelijk karakter “Business Union”
Europa = correctie functie en emancipatie functie
emancipatie functie = verbetering van de maatschappelijke positie van de werknemer (medezeggenschap en arbeidsomstandigheden)
correctie functie = vakbeweging op het gebied van arbeidsvoorwaarden (materiële verbetering)
Taak van de vakbond
Afsluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst met werkgeversorganisaties of individuele werkgevers
CAO
Onderhandelingen kost tijd
Veel informatie uitwisselen en onderzoeken doen
Advies en bestuursorganen, landelijk, regionaal, sectoraal en lokaal niveau
Dienstverlening aan individuele leden
Rechtshulp, pensioen advisering en hulp bij belastingaangifte.
CAO onderhandelingen doorbreken, oproep tot werkstaking, actiemiddelen inschakelen
Soorten Organisatie
3 algemene soorten vakorganisaties
Levensbeschouwing
Katholiek
Protestants christelijk
Sociaal Democratisch
Liberalen
Neutrale vakorganisaties
Toekomstbeeld = Islamitische organisaties
Ziet diep in de verzuiling
Naar het niveau van werkzaamheden
Werknemersbelangen organiseren
Het Beroep
Werknemers hebben hetzelfde beroep
VNV
Het Functieniveau
Werknemers met hetzelfde functie op hetzelfde niveau
KVMO
De Bedrijfstak
Werknemers die in hetzelfde bedrijfstak werken
FNV
Het bedrijf
Werknemers die in hetzelfde bedrijf werken
VPH-Shell
Door fusies steeds groter en dus ook machtiger
Naar de representativiteit van de organisatie
Vaak organisaties zijn al dan niet representatief
Als het wel zo is hebben ze bepaalde publiekrechtelijke en privaat rechtelijke colleges en voldoen aan bepaalde voorwaarden
De rechtsvorm van een vereniging
Minstens twee jaar volledig rechts bevoegdheid
Statutair de doel stellen van de sociale economische belangen van de ondernemers of werknemers
Onafhankelijk zijn bij eigen beleidsbepaling
Financiële daadkracht hebben
Haar leden vertegenwoordigen binnen de doelgroep
Maatschappelijke herkenning
Maatschappelijke herkende vakorganisaties zijn lid van
FNV, CNV, MHP
Zijn verbonden aan bonden
Wettelijke herkenning
Maatschappelijke vakorganisaties die niet representatief zijn
Ook wel categorale organisaties genoemd
Zijn een specifieke organisatie precies voor een categorie werknemers en zijn niet aangesloten bij een maatschappelijke herkende vakcentrale
Hebben dus geen representatieve kenmerken
Kunnen niet meepraten bij overleg en adviesorganen waar representatieve organisaties zitten
Op landelijk niveau beperkt
Invloed in publieke colleges op bedrijfstak of regionaal niveau
Invloed bij onderhandelingen over arbeidsvoorwaarden
-Herkent door werkgevers
-De wet biedt hun mogelijkheid om toegelaten te worden bij de besprekingen van fusies of collectief ontslag
Herkenning door de werkgever
Collectieve onderhandelingen
Vakcentrale
Federatiebestuur
FNV = 4 leden
Legt verantwoording af aan de federatieraad
Federatieraad
FNV = voorzitter en de leden van het federatie bestuur
Beleid bepalen en beleid controleren
Federatie congres
Bestaat uit delegatie van de bonden en de leden van het federatie bestuur
Vaststellen er wijzigen van de statuten, huishoudelijk Reglement, behandelen van het jaarverslag, behandelen van de jaarrekening, behandelen van verkiezing van bestuursleden
Organisatiegraad
Organisatiegraad van werknemers
Geeft aan hoeveel werknemers lid zijn van een vakorganisaties In het verhouding met het volk in loondienst
Organisatiegraad in cijfers
In 1950-1980 gemiddeld op 40%
Crisis In de vakbeweging
Sinds de jaren 80 is het aantal vakbondsleden nauwelijks gegroeid
Teruglopende leden aantallen oorzaken
Gebrek aan aantrekkingskracht op jonge werknemers
Andere normen en waarden = meer individualisering, solidariteit lijkt te verliezen.
Toenamen van deeltijd en parttime banen
Verandering In de beroepsbevolking en de werkgelegenheidsstructuur
Sterk oplopende werkloosheid aan het begin van de jaren 80
Mensen kunnen meeliften (free-riders)
Vakbonden hebben daar wel last van, Er zijn niet genoeg Mensen die meebetalen, en ook de representativiteit van het vakorganisatie kunnen in dreiging komen.
In het onderwijs, openbaar bestuur, de bouwnijverheid en de openbaar nutsbedrijven zijn het beste vertegenwoordigd door hun vakbeweging
In financiële instellingen, horeca en representatie en handel zijn de vakbewegingen minder groot en is het moeilijk om collectieve onderhandelingen te maken om werkgevers effectief onder druk te zetten
Na 1980 fors afgenomen
In Europa scoort Nederland laag In de mate van vakbondsorganisaties
De vakorganisaties in Nederland
Groot overkoepelende organisaties voor werknemers, maar ook kleinere, specifieke organisaties.
FNV
Fusie uit Nederlandse Verbond van vakverenigingen En het Nederlands katholiek vakverbond
475.000 leden (2011)
FNV bondgenoten
Allerlei werk branches van industrie, vervoer en dienstensector
FNV zelfstandigen
Zzper’s
FNV AbvaKabo
Publieke sector
Overheden, zorg, welzijnswerk, kinderopvang, nutsbedrijven, post, telecommunicatie, sociale werkvoorzieningen
Federatie van bonden, en vakcentrale
Elk bond heeft een eigen sinds wijzen en is relatief autonoom
Communicatie is de key
De Nederlandse vakbeweging is vaak maatschappelijk verantwoordelijk
Ondanks sociale ongelijkheden, zijn ze economisch aanvaart
Streven naar loonmatiging
Hierdoor collectieve doel van meer werkgelegenheid en goede sociale zekerheid
Dilemma
Vraag en aanbod, werkgevers zijn bereid mensen flink te betalen als er nood aan de man is. Kan zorgen voor concurrentiepositie verslechtering
Maatschappelijk structuur moeilijk te veranderen
Volgens de werknemer zijn er onrechtvaardige aspecten
Beslissingen die gemaakt worden door de werkgevers. Kunnen ervoor zorgen dat de uitkomst nadelig is tegenover de werknemers
FNV Strijd voor officieel advies en overleg colleges met de werkgevers. Werkt als een soort verzet.
FNV is scherp en hard tegen de werkgever, Maar ook tegen de overheid.
Compromissen sluiten maar ook acties ondernemen komen wel voor bij de FNV
CNV
Grootste werknemers organisaties in Nederland
Organisatie met christelijk grondslag
Voornamelijk protestants christelijke werknemers
12 bonden zijn aangesloten
CNV Jongeren
Kunstenbond
Dienstenbond
CNV Vakmensen
CNV publieke zaak
CNV zelfstandigen
CNV voor kerkelijke medewerkers
CNV voor defensiepersoneel
Streef naar maatschappelijke verandering, werknemers met medeverantwoordelijkheid, volledige medezeggenschap
Wil graag actuele leef werkomstandigheden voor werknemers verbeteren
Minder gematigd om actie te voeren zoals de FNV
Sluit de liever compromissen met minder emotioneel en minder actiebereidheid
MHP
Vakbond voor middengroepen en hoger personeel
Aangesloten bonden
De centrale van middelbaar en hogere functionarissen bij overheid, onderwijs, bedrijven en instellingen.
De Vereniging van hoger KLM personeel
De Vereniging van de Nederlandse verkeersvliegers
Unie van onafhankelijke vakorganisaties
De grootste van allemaal
Heeft een horizontale karakter
Geen levensbeschouwelijke ideologie
Geen overkoepeling van bedrijfstak bonden
Gericht op het functie en de beroepsniveau
Wil graag pragmatisch en zakelijk te werk gaan
Conflicten worden zoveel mogelijk uit de weg gegaan met overleg
Overige werknemersorganisaties
Categorale vakorganisaties
Gericht op het belang van de eigen categorie werknemers die zij vertegenwoordigen
Centrales
Willen het belang bemachtigen van de Algemene werknemers
Veel verschil tussen de vakorganisaties
Beroepsfederatie en bonden
Categorale bonden sluiten soms CAO af Samen met bonden als FNV
Sommige werkgevers gaan op zoek naar categorale bonden om zaken mee te doen
Willen soms afwijken van de arbeidsvoorwaarden die gangbaar zijn In de sector of tak
Kan ook door onvrede zijn door de wijze hoe grotere bonden het spel spelen
Je kan niet zomaar een CAO maken
Daar zitten ook regeltjes aan vast
Veranderingen in de vakbondsorganisatie
Verlies van het betekenis bij bedrijfstak principe
Twee ontwikkelingen tegenover elkaar
Fusie van bonden over bedrijfstakken
Fnv bondgenoten en CNV vakmensen
Streven naar een minder versnippering van krachten en naar kostenbesparing
Grote groei in omvang
Grote verandering in sectoren en bedrijven de nieuwe communicatie en informatietechnologie
Zoeken naar verwantschap in economische taken, functies en overlapping van taak inhouden
Bedrijfstak als knooppunt van arbeidsverhoudingen nemen af
Door decentralisatie is de regeling van de arbeidsvoorwaarden op lager niveau en meer afgestemd op groepen werknemers en op bedrijfssituaties
Hierdoor hebben werknemers exclusieve belangen en wensen
Hier is voor nodig en kleine bedrijf of functie die gericht is op die belang
Beide uitgangspunten worden gestimuleerd door het toenemende individualisering en flexibilisering
Vaak organisatie moeten bundelen of samenwerken
Organisatie moeten genoeg vrijheid hebben om hun belangen na te jagen
In 1 grote bond kunnen dus kleinere groepjes zitten met verschillende belangen
Aan de kant van de werkgevers
Hebben veel moeite met alle contracten
Vinden het een markt met nieuwe aanbieders
Vakbond en veranderingen in arbeid en werk
Geschiedenis
De eerste bonden waren exclusieve verenigingen van vakgenoten en ambachtslieden
Die arbeiders brachten kennis en vaardigheden In de onderneming en hadden daarmee autonomie en controle over het arbeidsproces.
Arbeidstaakbeheersing
Eigen keuze en beslissingen maken In de uitvoering van werk
Hierdoor heeft de werknemer inzicht over het gehele productieproces
De eerste bonden waren gericht controle van het arbeidsproces
In de loop van de 20e eeuw
Conflicten over de arbeidstaakbeheersing door werknemers verloren en ingeruild voor arbeidsvoorwaardenbeheersing
De mogelijkheid om beslissingen te nemen omtrent de materiële en immateriële voorwaarden waaronder de arbeidsprestatie worden geleverd
Vakbonden en werknemers gingen zich focussen op de verbetering van de arbeidsvoorwaarden
Loon en arbeidstijden door onderhandelingen
Na WOII
In Nederland structuurverbetering op het gebied van vakbonden.
Groei van vakbonden
Onderhandelingen over arbeidsvoorwaarden zoveel mogelijk naar buiten naar bet bedrijfstak en naar het sociale politiek, landelijk niveau
Veel ontwikkeling, gecentraliseerd op en gericht op sociale politiek
Heden
Kentering door technologie en economische ontwikkelingen.
Arbeidstaak beheersing is vitaal geworden
Omdat productie van hoogwaardige producten en diensten steeds meer afhankelijk zijn van inzet, kennis en ervaring.
Meedenken en meebeslissen over de inhoud en vorm van de taken door de werknemers kan door de werkgever een economische noodzaak worden In de toekomst
De arbeidsorganisatie maakt deel uit het leven van de werknemers
Bron van levensvreugde maar ook frustratie en conflict
Mismacht Tussen collectieve en individueel belang van de werknemer
Mondige werknemers
Willen hun belangen behartigen
Kan via een vakbond maar ook adviseur of consultant
Zzp’ers
Sterk gegroeid afgelopen jaren
Oorzaak
Wens van onafhankelijkheid
Eigen talenten ontplooien
Nadelen
Veel meer regels op het gebied van arbeidsrecht, belastingrecht, socialezekerheidsrecht
Zij hebben ook vakbonden
Vakbonden worden geconfronteerd met hun bestaan
Wordt de steeds kleiner
Willen nog steeds veel flexibilisering en prestatie beloningen en en CAO behouden
Strijden nog steeds met werkgeversorganisaties