Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Coördinatie van reacties prikkels - Coggle Diagram
Coördinatie van reacties prikkels
Menselijke organisme als systeem
Organisme coördineert reactie (bewust of onbewust) -->prikkel intenre of externe milieu
Coördinatie wordt geregeld door zenuwstelsel (ZS) en hormoonstelsel
Alle stelsels werken samen lichaam gezond te houden
Homeostase (dynamisch evenwicht)
Stabiel houden van interne milieu ondanks verandering extern milieu
Feedbacksysteem
Terugkoppelingsmechanisme zorgt voor homeostase
Bouw en functie zenuwstelsel
Centraal en perifeer zenuwstelsel
Perifere ZS
Zenuwen + zenuwknopen
Hersen(stam)zenuwen (12paar) + ruggenmergzenuw (30paar) + 2 grensstrengen
Zenuwknopen --> verdikkingen op zenuwen met cellichaam erin
Netwerk van zenuwen verbindt centrale ZS met organen en weefsels
Centrale ZS
Hersenen + ruggenmerg
Hersen- en ruggenmergvliezen --> schokdemper + weefsel centrale ZS te beschermen
Schedel beschermt hersenen Wervelkolom beschermt ruggenmerg
Zie p.141 tekening
De hersenen
Vier grote delen:
Hersenstam
Middenhersenen + brug van Varol + verlengde merg
Tussenhersenen
Thalamus + hypothalamus + hypofyse
Kleine hersenen
Twee hersenhelften, verbonden via brug van Varol
Grote hersenen
2 hersenhelften, verbonden via hersenbalk
Grijze en witte stof
Grijze schors buitenkant Witte merg centraal
Functie hersenen
Hersenstam
Coördinatie belangrijkste levensfunctie, zenuwkruising
Tussenhersenen
Schakelstation tussen zintuig-, zenuw- en hormoonstelsel
Kleine hersenen
Coördinatie bewegingen, fijne motoriek en evenwicht
Grote hersenen
Coördinatie sensorische en motorische centra
Ruggenmerg
Bestaat uit grijze en witte stof
Witte schors buitenkant Grijs merg centraal
Tussenwervelschijven zorgen voor beweeglijkheid van wervelkolom
Functioneren als schokdemper + zorgen voor ruimte tussen wervels
Buisvormige structuur die hersenen verbindt met perifere ZS
Motorische zenuwen verlaten ruggenmerg
Sensorische zenuwen komen ruggenmerg binnen
Impulsen doorgeven in zenuwstelsel
Microscopische bouw zenuwstelsel
Neuronen
Zenuwcellen, geven impulsen door (receptor tot effector of tussen neuronen
Soorten
Motorische neuronen
Centraal ZS --> effectoren
Schakelneuronen
Verbinden neuronen in centrale ZS
Sensorische neuronen
Receptor --> centraal ZS
Bestaat uit
Dendrieten
Korte vertakte uitlopers op cellichaam
Myelineschede en knopen van Ranvier
Rond axon en eindknopjes zit
myelineschede
+ kleine onderbrekingen,
knopen van Ranvier
Axon en eindknopjes
Axon
is lange uitloper die op uiteinde vertakt in
eindknopjes
Gliacellen
Begeleidende cellen, vormen myelineschede
Impulsgeleiding binnen neuronen
Impulsgeleiding
Via elektrische impuls
Actiepotentiaal
Zenuwimpuls, verplaatst zich door neuron, prikkeldrempelwaarde overschreden,
Rustpotentiaal
Neuron in rust (-70mV)
Kenmerken
Actiepotentiaal is overal hetzelfde, ongeacht sterkte prikkel
Impulsfrequentie, neemt toe bij sterkere prikkels
Vraagt weinig energie
Impulssnelheid, hoger bij gemyeliniseerde neuronen
Eenrichtingsverkeer: dendriet --> cellichaam --> axon --> eindknopjes
Impulsoverdracht tussen neuronen
Impulsoverdracht
Via chemische impuls
Synaps
Via
synaps
neurotransmitters steken over naar volgende neuron of effector
Membraamreceptoren
Op dendriet, herkennen neurotransmitters
Chemische impuls --> elektrische impuls
Neurotransmitters
Aankomst elektrische impuls --> blaasjes in eindknopjes geven
neurotransmitters
af
Elektrische impuls --> chemische impuls
Kenmerken
Sterkere prikkels laten meer neurotransmitters vrij, impulsfrequentie stijgt
Neurotransmitters worden afgebroken of opgenomen voor hergebruik
Eenrichtingsverkeer: eindknopjes --> synaps --> dendriet of effector
Coördinerende rol zenuwstelsel
Animaal en autonoom zenuwstelsel
Autonome ZS
Onbewust
Coördineert werking klieren
Coördineert onbewuste bewegingen (gladde spieren, hartspieren reflexen)
Animale ZS
Bewust
Coördineert bewuste bewegingen (dwarsgestreepte spieren)
Coördineert bewuste gewaarwordingen + verwerkt die prikkels
Aansturing reflexen
Reflexen
Gecoördineerd via autonome ZS
Onbewuste snelle reacties van spieren en klieren op prikkel
Reflexboog
Verkorttraject via
reflexboog
zorgt voor kortere reactietijd
Reflexen van romp en ledenmaten (via ruggenmerg en niet via hersenen) :
Receptor --> sensorische neuron --> ruggenmerg --> motorische neuron --> effector
Reflex van hoofd en hals
Via hersenstam (bv. slik- en pupilreflex)
Aansturing bewuste bewegingen
Bewuste bewegingen
Gecoördineerd via animale ZS
Dwarsgestreepte spieren bewust
Hersenen spelen centrale rol bij bewuste bewegingen
Bewuste bewegingen via romp (via ruggenmerg en hersenen)
Receptor --> sensorische neuron --> ruggenmerg --> schakelneuron --> hersenen --> schakelneuron --> ruggenmerg --> motorische --> effector
Bewuste bewegingen van hoofd en hals
Via hersenstam en hersenen
Coördinerende rol van hormoonstelsel
Samenwerking tussen zenuwstelsel en hormoonstelsel
Informatieoverdracht via neuronen
Snel en kortstondig
Neurotransmitters --> chemische impulsoverdracht tussen neuronen (via sleutelslot-principe)
Actiepotentiaal zorgen voor elektrische impulsgeleiding in neuronen
Informatieoverdracht via hormonen
Trager en langduriger
Hormonen geproduceerd in endocriene klieren + transport via bloed
Hormonen = moleculen, specifieke structuur --> sleutel-slot principe
Verbinding hormoonstelsel met autonome ZS
In hypothalamus
Neuronen doen aan neurosecretie
Neurohormonen activeren of remmen hypofyse om zelf hormonen aan te maken
Homeostase via hypofysehormonen
Hypofyse
Centrale endocriene klier, maakt hormonen aan
Wordt aangestuurd door hypothalamus
Coördineert andere (endocriene) klieren of organen
Homeostase bloedsuikerspiegel
In alvleesklier endocriene klieren (
eilandjes van Langeerhans
)
Aanmaak 2 hormonen
Glucagon
Bloedsuikerspiegel stijgen
Insuline
Bloedsuikerspiegel dalen
Diabetes (suikerziekte)
Bloedsuikerspiegel wordt niet goed op peil gehouden, homeostase verstoord --> slecht werkende alvleesklier
3 varianten
Type 2
Zwangerschapdiabetes
Type 1
Behandeling
Insuline-injecties
Aangepaste eet- en leefgewoonten
Homeostase via plantenhormonen
Wisselwerking BA met auxine
Verhouding bepaald groei
Auxine
Geproduceerd in stengeltoppen --> lengtegroei + wortelgroei
BA (cytokinine)
Geproduceerd in worteltoppen --> breedtegroei + bevordert herstel + gaat veroudering tegen
Plantenhormonen
ABA
.
Productieplaats hormoon --> verschilt van plaats waar functie uitoefent
ABA regelt openen en sluiten van huidmondjes
Activeren(+) of remmen(-) groei en ontwikkeling van plant
Aangemaakte stoffen die levensfunctie regelen
BA
Etheen
Gibberelline
Auxine