Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
H4: Autismespectrumstoornis (ASS) - Coggle Diagram
H4: Autismespectrumstoornis (ASS)
4.1. Kenmerken
4.1.1. Algemeen
in DSM-5 gebruikt men ASS voor alle vormen van autisme
stoornissen overlappen elkaar en niet duidelijk te scheiden zijn
klassiek autisme: syndroom van Kanner
syndroom van Asperger
PDD-NOS
MCDD
naarmate je ouder wordt verdwijnen en krijg je nieuwe symptonen
llg met autisme legt moeilijk contact en relaties zijn niet wederkerig
ga als docent uit van sterke kanten van zo'n llg
voor llg met autisme is school onoverzichtelijk, mensen onvoorspelbaar en leerstof onsamenhangende fragmenten
maak als docent omgeving voorspelbaar en duidelijk
voor llg met autisme is dag een vaste keten van gebeurtenissen
als daarin iets verandert, dan is keten kapot en geeft onrust
4.1.2 Comorbiditeit
ASS met ADHD: 30%
4.1.3. Sterke kanten
verdiepen zich goed in bep. onderwerp
eerlijk
lezen van schematische weergaven
visueel geheugen
de minder ontwikkelde kanten
leggen van verbanden; gebrekkige centrale coherentie
samenhang zien tussen eigen gedrag en gevolg
ruimtelijke oriëntatie; gevoel van onveilige wereld
houden zich daarom aan rituelen en obsessies
gebrekkige executieve functies
beperkte Theory of Mind (TOM)
vermogen voor te stellen welke gedachten en gevoelens anderen hebben en te begrijpen dat die niet hetzelfde zijn als je eigen g en g
spiegelneuronen ontwikkelen langzaam
mimiek is vlak: zelf zenden van berichten met ogen vinden ze moeilijk
moeilijk aandacht verdelen: kan één ding tegelijk
4.1.6. omgang met andere leerlingen
beperkte 'ik-ander-differentiatie'; conflict met anderen
afwijkend taalgebruik, houterige motoriek, belangstelling voor wereld afwijkend
meisjes beter in onderhouden van sociale contacten door kopieergedrag, hierdoor wel beïnvloedbaar en gaan soms over eigen grenzen heen
jongens vertonen vaak ongepast seksueel gedrag