Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Hoofdstuk 1: Inleiding en probleemstelling (God is dood: Nietzsche en de…
Hoofdstuk 1: Inleiding en probleemstelling
Waarom RZL
Niets is actueler dan religie
Alle opleidingen binnen SAW zijn gericht op het werken met mensen
Impact van godsdienst kan meespelen in het maatschappelijk of individueel disfunctioneren van een individu
Religie opentrekken zien we transcendentie, vandaag zien we dit nog
In latere beroep is reflecteren een basiscompetentie, daarvoor moet je een open geest hebben
De legende van de grootinquiqiteur, Dostojewski
Kernvraag godsdienst: mens is gericht op iets heiligs, iets religieus
Beroemd verhaal grote inquisiteur legt kernvraag religie bloot
Verhaal is een lang gesprek over morele en religieuze kwesties
Iwan heeft twijfels en moeilijkheden
Iwan legt een gedicht voor aan zijn broer Aljosja
Iwan vertelt legende van de grote inquisiteur
De waarheid is de grootheid van de mens, de vrijheid waartoe hij in staat is door alleen in God, God te zien en in niets anders waaraan hij de neiging voelt zich te verslaven
Moderniteit begint dit te wankelen, welke gevolgen kan dit hebben voor de moraal?
God is dood: Nietzsche en de Dolle Mens
Dan moeten wij zelf goden, scheppers van waarden worden
De dood van God staat in de eerste plaats voor het einde van de christelijke moraal
Nietzsche maakt dezelfde vraag als Iwan, wanneer God dood is, is alles mogelijk?
Daarmee verdwijnt het absolute, dwingende van die waarden. Dan wordt het mogelijk en noodzakelijk om die waarden te kiezen die bij mij passen
Mens blijft in God geloven, de oorzaak van de werkelijkheid, het uitgangspunt, het fundament van de wereld
Ingeluid met de Verlichting van Kant, hij installeert een nieuw fundament voor de moraal: nu komt de menselijke rede in plaats van God, maar die werkt opnieuw als een fundament, een verzinsel, een houvast om grip te krijgen op de werkelijkheid
Geloof in god begrijpt Nietzsche als een projectie van macht en kracht in iets dat buiten- en bovenmenselijk is
God in twijfel trekken, grote kritiek op monotheïsme
Mens is bang zonder doel vandaar dat hij een doel zoekt, hij heeft een doel nodig en wil nog eerder het niets willen dan niet te willen
Filosofie ontstaat met Plato en de werkelijkheid die in twee wordt getrokken, het transcendente en de andere. Hiermee ontstaat de waarheid als het vastleggen van een eeuwig en onveranderlijk fundament over de werkelijkheid. De waarheid is niet in de dagdagelijkse realiteit te vinden maar in de transcendentie, dat is het doel dat de mens zelf heeft gecreëerd.
Monotheïsme en kritiek
Het beeldverbod als basisconcept
Het beeldverbod bij Hebreeuwen en Joden
Verschillende teksten uit het Oude Testament doorheen de geschiedenis geherinterpreteerd en zo kwamen ze in conflict met elkaar.
Behielden doorheen de geschiedenis een consequent standpunt: God is onafbeeldbaar omdat het heilig onzichtbaar is en de verering van een beeld afgoderij is.
Eerder een praktische oplossing: het negeren van de vreemde goden door de verering van een beeld te verbieden. Niet het beeld is dus verboden, wel de verering ervan.
Het beeldverbod in het Christendom
Het eigenlijke misbruik is niet zozeer de aanbidding maar de verwachting dat men hiermee iets bij God kan verkrijgen.
Tweede christelijk fenomeen: het veelvoud martelaren en heiligen als voorbeeld voor de mens dienden en beschouwd werden als middelaar tussen mens en God
God is voor christenen immer vlees geworden in zijn zoon Jezus Christus, vandaar dat Christus twee naturen heeft: een goddelijke en een menselijke. Vandaar dat sommige zeggen dat Christus wel kan worden afgebeeld terwijl dat voor anderen betekend dat hij juist niet afgebeeld kan worden
Blijvende toestemming beeldenverering wat leidde tot beeldenvereerders (iconodulen) en beeldenhaters (iconoclasten)
Het beeldverbod in de Islam
Nog verder: het islamitische beeldverbod richt zich tot de aker van het beeld/afbeelding. Door een beeld te maken begaat de maker de zonde van hoogmoed. De beeldmakers worden veroordeeld omdat ze zich gedragen zoals God.
Verbod niet enkel op cultusbeeld, maar ook op alle afbeeldingen van mensen en dieren. Deze afbeeldingen leiden de mens af van God en kunnen afgoderij veroorzaken.
God is onafbeeldbaar want onbereikbaar, alleen aan God, als enige God, verering toekomt
Neiging tot afgodenverering is het object van de geloofskritiek. De mens creëert afgoden omdat hij nood heeft aan een houvast en vormt dat houvast om in iets zichtbaar en tastbaar, zoals een beeld. In een beeld zou de mens macht over God verkrijgen.
De structuur van het monotheïsme is kritiek
Kern religiekritiek = voert een onvermoeibare strijd tegen afgoden en andere valse vormen van religie
Vandaag 3 monotheïstische religies: Jodendom, Christendom en Islam
Basistekenen = kritische houding, kritische houding ten aanzien van een waarheid
Monotheïsme = geloof in het bestaan van maar één God
Het monotheïsme in een apart soort religie
Monotheïsme als waarheidsreligie
Elk volk had zijn eigen goden, en de goden uit verschillende volken waren naar elkaar vertaalbaar
Vertaalbaarheid van de Goden
Andere religies zijn goden vertaalbaar. De monotheïstische god onttrekt zich aan dit multiculturele rijk en laat zich in geen enkele vreemde godheid vertalen.
De opgang van de monotheïstische religies wordt dan ook gekenmerkt door een voortdurende strijd tegen de afgoden
Allen God is God
Er is geen God buiten God
Wie God zoekt, vindt Hem bij hen van wie de heersende klasse denkt dat ze het verst af staan van de Heer aan wie de klasse haar eigen heerlijkheid ontleent
Omdat alleen God God is, dient gerechtigheid onder mensen te gescheiden
Monotheïsme en Westerse filosofie ontstaat gelijktijdig
Rond diezelfde tijd gingen filosofen zich bekennen tot een gelijkaardig scherp onderscheid tussen waar en vals en openden daarmee de weg naar wat vandaag wetenschap en rationaliteit heet. In dit opzicht blijken de twee pijlers van onze westerse cultuur, christendom en filosofie minder radicaal van elkaar te verschillen
Religiekritiek is actueel
De kern van de monotheïstische religiekritiek is actueel
Stelling uiteenzetten dat het monotheïsme niet zozeer als geloof maar wel als geloofskritiek moet begrepen worden. Omdat de moderniteit op kritiek gebaseerd is, moeten we vandaag ook ernstig over het monotheïsme nadenken. Ook de kwalijke structuren die in de monotheïstische religies schuilen, zijn in het hart van de moderniteit overgeërfd. Kritisch omgaan met onze moderniteit kan dus niet zonder een diepgaande reflectie over ons monotheïstische wortels.
Het offeren, centraal in alle religies, is een soort ruilverhouding met de goden: om iets gedaan te krijgen van de goden, iets in ruil te krijgen of af te dwingen.
Exodus 32: de vereniging van het gouden kalf
Israëlitische volk onder leiding van Mozes vertrekt uit Egypte naar het beloofde land Kanaän. Mozes zal er op de berg Horeb in de Sinai de wet van Jahwe ontvangen. Het volk krijgt de 10 geboden.
Wanneer Mozes een tweede maal op de berg wordt gevraagd omdat Jahwe een verbond wil sluiten. Mozes beloofd 40 dagen weg te blijven maar op de 40ste dag wordt het volk nerveus. Ze vragen aan Aäron om een God voor hen te maken. Hij vraagt al hun goud en maakt er een gouden afgodsbeeld van. Wanneer Mozes terug komt en het volk feest ziet vieren rond het kalf wordt hij boos.
De mens is bang zonder leider en omdat Mozes er niet was, creëerden ze een nieuwe God
Eén van de basisteksten van de drie monotheïsmen
Mensen laten zich snel tot iets transcendents bekennen. Door middel van gebeden en offers hoopte men van hen veel terug te krijgen en zich op die manier een bestaanszekerheid te garanderen.
Monotheïsme als nieuwe vorm van religie met geweld is opgelegd. Het overtreden van geboden wordt steeds bestraft met de dood.
Lijkt een relatie tussen monotheïsme en geweld