Please enable JavaScript.
Coggle requires JavaScript to display documents.
Nederlands H5 (lezen (globaal lezen (de eerste alinea, de kernzinnen van…
Nederlands H5
lezen
hoofdzaken
bijzaken
globaal lezen
de eerste alinea
de kernzinnen van alle alinea's
de laatste alinea
grondig of intensief
hoofdgedachte
over taal
signaalwoorden
bijvoorbeeld, zoals, zo
achtervoegsel en voorvoegsel
voorvoegsel: wat je voor een grondwoord plaats
achtervoegsels: wat je achter een grondwoord plaats
gevoel
knullen en gasten
knullen en gasten zijn allebei jongens
knullen is positiever dan gasten
als je goed leest of luistert, geeft de woordkeuze vaak al aan of iemand positief, negatief of neutraal over het onderwerp denkt
schrijven
schrijfplan
een plan voor als je een tekst wilt schrijven
informeel taalgebruik
bij vrienden, familie
formeel taalgebruik
bij onbekende mensen
fictie
personen beschrijven
hoofdpersoon
bijfiguur
persoon uit een verhaal
uiterlijk, karaktereigenschappen, kenmerken
spelling
bezitsvorm
meestal een -s
behalve bij een lange klinker, y of een s klank krijg je 's
cijfers en getallen
in teksten gebruik je geen cijfers maar getallen
er zijn twee uitzonderingen
bij maten en gewichten zijn cijfers soms duidelijker
grote, ingewikkelde getallen schrijf je meestal in cijfers
grammatica
persoonlijke voornaamwoorden (pers.vnw)
ik, jij, u, hij, zij (ze), het, wij, jullie, zij (ze)
mij (me), jou (je), u, hem, haar, het, ons, jullie, hun, hen, ze
het is alleen een persoonlijk voornaamwoord als het een apart zinsdeel is. als het een deel van een zinsdeel is. is het een lidwoord.
hun gebruik je nooit als onderwerp of als lijdend woorwerp
hem gebruik je als lijdend voorwerp en na een voorzetsel